|
Pagina vergroten naar 100% 150% 200% Depressies Depressies kan men verdelen in twee ‘soorten'. Zo kent men de endogene depressie en de exogene depressie. Een ander
woord voor endogene depressie is de vitale depressie. Deze stemmingsstoornis
komt voort vanuit een erfelijke aanleg. Dus uit de karakterstructuur
van iemand.
Wanneer
is iemand nu depressief. Iedereen kent wel eens dagen dat het allemaal
wat minder gaat. Doorgaans wordt gesteld dat iemand depressief is indien
hij/zij gedurende op zijn minst 2 aan een gesloten weken last heeft
van een aantal kenmerken. Als kenmerk wordt genomen: Het is voor een depressief mens erg moeilijk om aan een dag te beginnen. Er kunnen verstoringen in het dagritme gaan ontstaan. ‘s Avonds is het moeilijk naar bed gaan met het vooruitzicht op een slapeloze nacht en opstaan is ook moeilijk omdat de patiënt geen zin heeft aan een nieuwe dag te beginnen. Soms treden er angsten op. Angst voor ziekten, angst in het donker, om alleen te zijn, hoogtevrees, pleinvrees etc. Concentratieproblemen ontstaan omdat de malende gedachten de patiënt volledig in beslag nemen. Piekeren veroorzaakt ook weer besluiteloosheid. Er ontstaat interesseverlies waardoor de patiënt op een gegeven ogenblik een zeer geïsoleerd bestaan gaat leiden en dat terwijl contacten met anderen juist zo nodig zijn om uit het dal te komen. Veelal
treden er lichamelijke klachten op zoals bijvoorbeeld spanningshoofdpijn,
pijn op de borst, druk op de maag. Soms ontlaadt de spanning zich in
een hyperventilatieaanval. Verlies van libido, eetstoornissen. Meestal
is er sprake van verminderde eetlust; ze kunnen geen hap door hun keel
krijgen. Af en toe wordt dit veroorzaakt doordat veel depressieve mensen
een droge mond hebben (soms de bijwerking van antidepressiva). Niet
altijd worden de lichamelijke klachten in verband gebracht met een depressie.
Indien iemand langer dan twee jaar depressief is, soms afgewisseld met periodes waarin de stemming wat beter is dan spreekt men van een dysthyme stoornis. Je ziet dan problemen met de eetlust, concentratie, slapen, intense vermoeidheid, gebrek aan zelfvertrouwen, zich schuldig voelen over van alles, en vaak een machteloos en hulpeloos gevoel. Dan kent
men nog de manisch-depressieve patiënten. Daarbij is er sprake
van twee totaal tegengestelde polen: de depressie en de manie. Bij de
manie is iemand ziekelijk opgewekt. Ze kunnen de hele wereld aan, hebben
een tomeloze energie, ondernemen van alles en doen het liefst van alles
tegelijk. In zo'n manische periode kunnen de patiënt allerlei dingen
overkomen; het kan leiden tot het verbreken van relaties of faillissement.
Er wordt zo goed als niet meer geslapen en ze zijn niet voor rede vatbaar.
Dit alles wisselt zich af met zeer depressieve stemmingen.
Wat kan homeopathie doen? Natuurlijk is het niet zo dat de depressieve patiënt bij de klassiek homeopaat komt een korreltje krijgt en daarna weer beter is. Meestal moet er intensief behandeld worden. Er moet gezocht worden naar passende middelen voor de patiënt. Meestal zijn er meer dan één middel nodig. Homeopathie kan zeer waardevol zijn voor patiënten die veel antidepressiva gebruiken en daar van af willen. Dat alles zal moeten gebeuren in overleg met de voorschrijver van de antidepressiva. Men kan zowel naar een klassiek werkende homeopaat gaan als naar een klassiek homeopathisch werkende psychiater.
Casus Na het
overlijden van haar ouders ten gevolge van een auto-ongeluk ontwikkelde
mevr. X een aantal lichamelijke klachten. Ze kreeg frequent hoofdpijn,
pijn in de rug en ging na verloop van tijd hyperventileren. Door deze
hyperventilatieaanvallen dorst zij niet meer in de trein. Dus naar haar
werk gaan werd een probleem. Na verloop van tijd dorst zij ook
geen boodschappen meer te doen en ging uiteindelijk de straat mijden.
Na ruim
2½ jaar las haar broer een artikel over klassieke homeopathie en besloot
zijn zus over te halen tot een klassiek homeopathische behandeling.
Het eerste half jaar kwam de homeopaat aan huis. Daarna dorst mevr.
X in gezelschap naar de homeopaat toe te gaan. Het werd een intensieve
behandeling zowel voor mevr. X als ook voor de klassiek homeopaat. Met
veel geduld en doorzettingsvermogen, met de bekende ups en downs en
na een behandeling van ruim 1½ jaar ging het snel de goede kant op.
Inmiddels doet mevr. X weer zelf haar boodschappen, gaat buiten de spits
de trein weer in en durft weer naar verjaardagen te gaan. 1x in de 4
maanden bezoekt zij de homeopaat om de vooruitgang te evalueren. Soms
krijgt zij een middel mee, soms niet.
|